Klein geluk

De lente komt eraan (hoe dan ook)

Het is een koude lente tot nu toe. Net als anders begon hij op 21 maart. Op de een of andere manier wil het alleen nog steeds maar niet lenteren. We hebben begin april nog hagel gehad en sneeuw en nachtvorst. Het heeft gestormd en het was guur. Ergens hebben we ook nog een keer buiten kunnen zitten maar dat was een voorbijgaand kort genoegen. We snakken naar de echte lente.

Het weer toont zich solidair met het verloop van de pandemie. Steeds lijkt er licht te gloren aan de horizon maar dan volgt al snel weer duisternis. We dachten eerder dat we in de lente de ergste ellende wel gehad zouden hebben maar deze week publiceert het CBS weer cijfers van oversterfte. Zorgverleners hebben het opnemen van vrije dagen voor de zoveelste keer uitgesteld, zij doen hun uiterste best maar kunnen geen ijzer met handen breken. Kankerpatiënten voelen zich dor hout. De pandemie is als een zwaar tegenvallende lente.

Ondertussen zwalkt Nederland van links naar rechts met onbegrijpelijke stappenplannen rond vaccinatie en heropenen van de maatschappij. Elke hoop die politici ons bieden wordt een dag later al weer ingetrokken. Het is ijskoud in het hart van veel mensen, met hagel als de zon schijnt en nachtvorst als ze piekerend wakker liggen.

Wanneer zet het nou eens dóór met die lente? Het klinkt als de zoveelste dooie mus maar dat is het niet: uiteindelijk zal het onherroepelijk een keer lente worden, letterlijk en figuurlijk.

© foto: www.veranderen.nu

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.