Gezondheid,  Klein geluk

Pokémon helpt

Voor wie zich afvraagt wat al die groepjes kinderen maar ook volwassen toch doen als ze met een smartphone voor hun hoofd de omgeving afspeuren? Ze zijn verslaafd aan de nieuwste rage: Pokémon GO. Je moet in de echte wereld virtuele Pokémons vinden, ze overwinnen en aan je eigen legertje toevoegen. Het wezenlijk nieuwe aan dit spel is de combinatie van de echte met de virtuele wereld.

En voor je nu meewarig het hoofd schudt over weer zo’n onzinnig spelletje, nog even wachten. Want de spelers moeten eropuit om hun Pokémons te vinden. En die zitten werkelijk overal verstopt, achter een struikje, bij de bushalte, op de stoep, overal kunnen ze zijn. De spelers gaan dus via de vituele werkelijkheid de echte werkelijkheid binnen. Oftewel, al die bleekneuzige kids die enkel nog achter beeldschermpjes zitten (nog wel eens kinderen buiten zien spelen de laatste jaren?) gaan nu naar buiten met hun beeldschermpje. Kinderen gaan weer buitenspelen!

Maar er is meer: de spelers ontmoeten anderen die op zoek zijn naar dezelfde Pokémons. En blijkbaar schept dat gelijk een band waardoor men makkelijk met elkaar in gesprek komt. Zo makkelijk dat mensen met autisme heel wat barrières overwinnen en contact maken met andere mensen. Is het niet mooi?

Hoe een rage mensen weer de buitenlucht in krijgt en zelfs uit hun isolement haalt. Zo zie je maar dat niet alle verslavingen gevaarlijk zijn.

 

Bron: De Volkskrant

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *